Server » Verwarming » Eigen installatie » Remote interface en vermogensmodules
Twee onderdelen van de installatie
de remote-interface en de vermogensmodules
Sturing
De computer heeft interface-kaarten om te communiceren met de buitenwereld. Maar om de uitlezing zichtbaar te maken heb je een extra display nodig. De sturing van de apparaten gebeurt met solid state relais.

Remote interface

De remote interface is een LCD display van Farnell dat serieel aangestuurd wordt. Dit display geeft de temperaturen en status van de installatie weer in beknopte vorm. Ideaal om bezoekers te imponeren, want de module staat aan de voordeur ...
Het is mogelijk snel en eenvoudig commando's te geven zonder een browser te moeten starten (niet dat ik te weinig computers in huis zou hebben...): weg van huis voor x uur, ik neem een bad (extra warmte in de badkamer),…

De sturing loopt via de K8000: commando's worden gegeven met een reeks druktoetsen, 8 van de 16 digitale IN/UIT zijn als ingang geschakeld. Voor de respons worden twee-kleurige leds gebruikt die aangestuurd worden door de analoge uitgangen. Deze uitgangen kunnen zowel positief als negatief gaan.

Omdat ik echter meer dan 8 drukknoppen wenst te gebruiken, heb ik een extra ingreep moeten toepassen: bij iedere knop die ingedrukt wordt, worden er twee ingangen aangestuurd (diode-logica). Met de 8 ingangslijnen kan ik dus 28 verschillende commando's geven (7+6+5+4+3+2+1 mogelijke combinaties). Op verschillende plaatsen in het huis zijn er aangepaste funkties voorzien die ingeschakeld kunnen worden met een druk op de knop.

Het voorbeeld hier gebruikt 6 drukknoppen (a tot f) en stuurt 4 lijnen aan (1 tot 4). Iedere knop stuurt precies twee lijnen aan. Hoe meer lijnen er beschikbaar zijn, hoe meer knoppen er gebruikt kunnen worden.

Ik heb een matrixscan overwogen, maar uiteindelijk niet uitgevoerd, dit zal voor een volgend leven zijn (mocht ik weer als mens geboren worden). Een matrixscan kan enkel door een K8055 gerealiseerd worden, niet door een K8000. Met zijn I2C aansturing is de K8000 vèèl te traag. Om één verandering op een scanlijn door te voeren moet een volledig I2C commando gegeven worden. Dit gebeurt gewoon door bepaalde lijnen van de printerpoort afwisselend hoog en laag te zetten, en dat moet door je programma zelf gebeuren. Bij een matrixscan is je programma enkel bezig met het pulseren van de printerpoort en heeft geen tijd meer over voor andere taken.

De K8055 daartegenover heeft een USB interface; je geeft gewoon een commando door aan een dll, en die stuurt de opdracht door aan de interface zonder het programma zelf merkbaar te vertragen. Deze interface is ook een goed matrixscan-kandidaat voor een andere reden: er zijn niet zoveel analoge in- en uitgangen (twee om precies te zijn, en dat is wel weinig). Door middel van een quad bilateral switch (4066) kan je 4 signaalwaarden naar één analoge ingang sturen. Je kan wel tot maximaal 4 van deze modules op je computer aansluiten.

De scan-kodes kunnen simultaan gebruikt worden om het toetsenbord te scannen (matrix scan) en om een analoog signaal door te laten naar de AD omzetter.

Vermogensmodules

Crydom CTX240D3Q
Klein, zuinig en super-krachtig: alle apparaten worden geschakeld door twee van deze solid state relais van Crydom CTX240D3Q (leverancier eveneens Farnell).

Iedere module heeft 4 relais aan boord. Iedere relais kan tot 6A schakelen en heeft nul-doorgang detektie (om storingen en spikes te onderdrukken). Uit voorzorgen werden er boucherot-filters toegepast op alle uitgangen (een serieschakeling van een condensator van 0.1 μF en een weerstand van 220Ω parallel over de belasting). Better safe dan 's morgens doodgevrozen.

De benodigde schakelspanning bedraagt 4 tot 10 V die door de computer zelf geleverd wordt. De stroom bedraagt een tiental mA (voldoende om de interne LED van de optocoupler te laten oplichten).

De relais schakelen de kleppen en de circulatiepomp (met verschillende vermogens) en geven voeding aan de transfo van de brander.


Weet je dat een circulatiepomp continu 75W verbruikt ? —terwijl het meestal niet nodig dat die zo snel draait: met een spanning van 60V en een duty cycle van 50% hou ik het volledig huis warm. Ik heb minstens 50V nodig om de pomp te laten aanlopen, maar dan draait ie onnodig snel: vandaar de duty-cycle regeling. Overigens loopt de pomp wèl sneller als er meer warmte nodig is! Het opgenomen vermogen varieert van 6W tot 35W naargelang de warmtevraag.

De motorspanning wordt verminderd door een serieschakeling van een condensator van een paar microfarad (deze werkt als verliesvrije weerstand). De twee laagste vermogens worden bereikt door twee verschillende condensatorwaarden, terwijl het hoogste vermogen bereikt wordt door beide condensatoren parallel te gebruiken.

Opgelet als je van plan bent te experimenteren met condensatoren: kies condensatoren met een werkspanning van minstens 400V∼ (de wikkeling van de motor werkt als zelfinduktie). Bij bepaalde condensatorwaarden ontstaat er een gevaarlijke situatie (ferroresonantie): de condensator heft de zelfinduktie van de motor op, waardoor er oncontroleerbare stromen gaan lopen (oscillatiekring). Wat nuttig is in een radio (de afstemkring oscilleert op één freqwentie) is dodelijk voor een circulatiepomp. Begin dus met kleine condensatorwaarden te experimenteren (3μF) en laat altijd een voltmeter over de motor.

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's