| Op deze pagina wordt er uitgelegd hoe apparaten aangesloten worden op triphasé of draaistroom. |
-
Driefasenspanning
Aansluiting van driefasige apparatenDriefasige apparaten zijn altijd voorzien van gestandardiseerde aansluitklemmen zodat het aansluiten eenvoudig is. De interne aansluitingen (van de wikkelingen van de motor of de weerstand) staan op de eerste figuur. Zo kan je controleren of een wikkeling niet onderbroken is of kortsluiting maakt.De electrische apparaten worden geleverd met drie klemmen, die men anders zal monteren naargelang de gewenste aansluiting. De verticale afstand tussen de klemmen is gelijk aan de horizontale afstand. De eerste montage is een ster-aansluiting, de tweede een driehoekaansluiting. Bij een driehoekaansluiting wordt de neutre nooit aangesloten, en bij een steraansluiting hoeft de neutre niet aangesloten te worden indien er gewerkt wordt met gebalanceerde belastingen (wikkelingen van een asynchrone motor, weerstanden van gelijke waarde die altijd samen gebruikt worden,...). Bij motoren gebruikt men vaak de letters R S T voor de geleiders. Twee geleiders omwisselen, dus R T S of S R T veroorzaakt een draaiveld in de verkeerde richting. Een aansluiting S T R of T R S (drie geleiders verschoven) veroorzaakt geen probleem omdat de richting van het draaiveld niet veranderd is. Bij mobiele toepassingen zoals werfkranen en dergelijke is er een fasevolgorde beveiliging voorzien. De kraan kan enkel bediend worden als de fase correct aangesloten is. Bij werfkasten en stroomgroepen kan de aansluiting van de fase verkeerd zijn. Dit gebeurt niet vaak, maar als het wel gebeurt kan het verstrekkende gevolgen hebben. Voor vaste toepassingen is een dergelijke beveiliging niet nodig, omdat de fasevolgorde van vaste installaties niet verandert. Er bestaan ook kleine draagbare toestellen die de fasevolgorde aanduiden. Deze geven een indicatie maar beletten het gebruik van een verkeerd aangesloten toestel niet. Driefasige motoren kunnen niet starten als een fase ontbreekt, maar ze zullen wel blijven draaien als een fase uitvalt tijdens de werking. Het koppel is echter beperkt, maar de stroom kan oplopen. Daarom dat de automatische zekeringen en schakelaars altijd alle fasen onderbreken. De fasevolgorde beveiliging controleert natuurlijk ook de aanwezigheid van de drie fasen. Voor verwarmingsapparaten speelt de aansluitvolgorde geen rol. Bij motoren is de aansluitvolgorde wel van belang. Indien de aansluitvolgorde verkeerd is kan de motor in de verkeerde richting draaien, met alle nefaste gevolgen. Zelfs bij motoren waarvan de rotatierichting onbelangrijk is, is het nodig dat ze correct aangesloten worden: de ventilatie werkt bijvoorbeeld maar als de motor in één welbepaalde richting draait.
Aansluiting van bifasige apparatenOudere kookplaten werden vaak aangesloten op triphasé, dus met in totaal 5 geleiders: drie fasen (L1, L2 en L3), een nulgeleider (N) en een aarde (PE). Moderne kookplaten gebruiken slechts 2 van de drie fasen. Eigenlijk is het geen echte bifasé, maar verminkte triphasé. De echte bifasé wordt hier uitgelegd. Het lijkt normaal de drie fasen aan te sluiten op de drie contacten, en de neutre overboord te gooien (KNIP). Maar er zit 400V tussen de fasen, terwijl de kookplaat eigenlijk 230V verwacht. De electronika van de kookplaat zal het niet lang volhouden, en een module kost bijna evenveel als een nieuw toestel. Vergeet maar dat je een herstelling in waarborg kan bekomen: techniekers rieken direkt dat er overspanning geweest is (geen brandgeur, maar kattepisgeur vanwege de ontplofte elko's). De enige manier om een kookplaat aan te sluiten is van één van de fasen niet te gebruiken. De nulgeleider moet altijd aangesloten worden (het is de blauwe kabel indien de installateur zijn werk goed gedaan heeft). Om zeker te zijn wat de nulgeleider is, moeten de spanningen gemeten worden. De nulgeleider is de enige geleider die 230V voert ten opzichte van de andere drie stroomgeleiders. Een fasegeleider voert 400V (ten opzichte van de twee andere fasen) en 230V (ten opzichte van de nulgeleider). De fabrikanten gebruiken een dergelijke aansluiting omdat het verbruik van de toestellen verminderd is: men heeft dus genoeg met twee van de drie fasen. Het verbruik is zo laag dat een monofasige aansluiting ook mogelijk is. En het is natuurlijk ook leuk als ze een nieuwe module kunnen aanrekenen.
Aansluiting van monofasige apparatenAls de kleurkodering niet duidelijk is (of je vertrouwt de electricien niet echt), dan kan je de neutre gemakkelijk vinden: dit is de enige geleider die 230V heeft ten opzichte van de andere drie geleiders. Een fase heeft altijd 400V naar twee andere geleiders en 230V naar de derde geleider (dit is dan ook de neutre). Het aansluiten van monofasige apparaten op het driefasig net wordt hier meer in detail besproken. De verschillende aansluitmogelijkheden komen aan dob, waarbij de uiteindelijke bedoeling is dat de belasting zo evenwichtig mogelijk verdeeld wordt over de drie fasen.
Aansluiten van driefasige apparaten op het monofasig netHet aansluiten van driefasige motoren op een monofasig electriciteitsnet is mogelijk en wordt hier uitgelegd: Steinmetz aansluiting. Men kan een dergelijke aansluiting gebruiken als de motor niet zijn nominaal vermogen moet leveren en onbelast of met een lage belasting kan starten.
• Vaste verwarmingstoestellen Het is geen goed idee om electrische verwarming aan te sluiten op een monofasig net, want dan heb je geen reserve meer. Als de verwarming ingeschakeld is, dan kunnen de zekeringen springen als de diepvriezer inschakelt. Extra vermogen voor een boiler is er in ieder geval niet. Het aansluiten van een generator staat hier beschreven. |
Publicités - Reklame





Vaste verwarmingstoestellen (meestal driefasig uitgevoerd) kunnen op het monofsig net aangesloten worden. Bij een installatie met vaste kabels van 4mm beschik je over 4000W. Als je verwarmingstoestel 4500W nodig heeft, dan kan je slechts 2 van de 3 weerstanden gebruiken (je beschikt dan over 3000W in plaats van 4500W). De neutre sluit je normaal aan, de phase op L1 en op L2.