TechTalk
Root server » TechTalk » FAQ bruingoed » Surround-systemen

Ontstaansgeschiedenis

Al heel vroeg na het ontstaan van de stereofonie is men op zoek gegaan naar systemen om het geluid een extra dimensie te geven. Bij de eerste ontwerpen stuurde men het verschilsignaal naar een derde luidspreker dat acheraan geplaatst werd. Omdat de lage frekwenties in beide kanalen aanwezig zijn kon die extra luidspreker kleiner uitgevoerd worden. Het probleem was echter dat de bron niet geschikt was om een dergelijk signaal weer te geven: wat men uit die derde luidspreker hoorde was voornamelijk ruis. (figuur 1)

Nadien heeft men een poging ondernomen met quadraphonie. Bij dit systeem zijn alle geluidskanalen evenwaardig. Dit systeem is nooit echt populair geworden omdat er speciale geluidsdragers en dure afspeelapparatuur nodig waren om het effekt te kunnen waarnemen. (figuur 2)

Dolby Pro-Logic is de eerste poging tot surround-geluid dat wel populair geworden is. In tegenstelling met quadraphonie is het systeem wel compatibel met bestaande apparatuur en geluidsbronnen. Het surround-effekt wordt opgenomen als een extra subkode: is de subcode aanwezig, dan heb je surround geluid, is er geen subkode aanwezig, dan heb je gewoon stereo-geluid. Alle geluidsdragers konden voorzien worden van een surround effekt: fonoplaten, hifi-video (VHS of Betamax), zelfs radio-uitzendingen konden van surround-effekten voorzien worden. Twee belangrijke kenmerken van dit systeem zijn:

  • Het systeem werkt volledig analoog (sterke ruis op de effekten-kanalen)
  • De effektenkanalen zijn minder zwaar uitgevoerd dan de hoofdkanalen (in tegenstelling met quadraphonie).
Eerst werkte men men een center-kanaal (voor spraak) en één surround-kanaal dat naar beide achterste speakers gestuurd werd (figuur 3)

Dolby Pro-Logic II (figuur 4) is een verbetering: men gebruikte een aparte baskanaal dat voor de verschillende effekten gebruikt werd en de twee surround speakers werden onafhankelijk. Dit systeem is lange tijd in gebruik geweest. Bij dit systeem heeft men twee volwaardige links en rechts speakers (volledige bandbreedte zodat ze ook voor klassieke stereo-weergave gebruikt konden worden), een centerkanaal (spraak), een effektenkanaal (voornamelijk lage tonen) en twee achterste speakers met beperkte bandbreedte (het Dolby Pro-Logic systeem kon geen volwaardig geluid genereren voor de achterste speakers).

Bij Dolby Digital en DTS gebruikt men dezelfde indeling (figuur 4), maar nu zijn de kanalen evenwaardig geworden. Bij een digitaal systeem moeten alle luidsprekers identiek zijn (dit is een verreiste om het logo "Dolby Digital" of "DTS" te mogen dragen). Enkel het effektenkanaal mag afwijkend zijn om de lage tonen beter te kunnen weergeven. Vanaf dit systeem is men beginnen spreken van het vijf-punt-één-systeem, om te benadrukken dat de 5 kanalen evenwaardig (moeten) zijn.

De systemen 6.1 (Dolby Digital EX, DTS-ES) en 7.1 (Dolby Digital Plus, DTS HD) worden vooral gebruik in bioscoopzalen en high end surround systemen

Surround systemen

In de praktijk

Tegenwoordig bestaan er enkel nog digitale surround systemen. Bij digitale surround-systemen moet je werken met digitale bronnen (bijvoorbeeld DVD). De verbinding tussen DVD speler en versterker gebeurt met een digitale verbinding (coaxiaal of optisch), maar er bestaan ook DVD spelers met ingebouwde versterker.

Het systeem bestaat uit 5 identieke geluidskanalen: 2 normale stereo-kanalen, een center speaker (voor spraak dat afkomstig is uit het "scherm") en twee surround kanalen. Het basskanaal (effekten-kanaal) moet enkel de lage tonen kunnen weergeven.

Als je naar een geluidsbron zonder surround luistert (bijvoorbeeld de radio of een DVD zonder surround), dan werken enkel de twee klassieke stereo speakers. Om toch een beetje leven in de achterste luidsprekers te brengen worden er surround-effekten gecreerd: stadium, concertzaal, enz. Dit is nep-surround (nagalm, frekwentieverschuivingen) dat door de versterker gemaakt wordt en naar de achterste speakers gestuurd wordt. Iedere versterker produceert dit surround-effekt op zijn eigen manier, maar met hifi heeft dit niets meer te maken.

Bass instelling

Een belangrijke instelling is de bass-instelling. Koop je een compleet systeem met versterker en bijhorende boxen, dan is er niets in te stellen, het is gewoon Plug&Play. Bij een versterker die zonder specifieke boxen geleverd wordt moet je het systeem configureren.

De basis van het Dolby digitaal systeem zijn 5 identieke, volwaardige geluidskanalen. Deze kanalen moeten het volledig spectrum kunnen weergeven, van de laagste frekwenties tot de hoogste. Het effektenkanaal is beperkt in bandbreedte en voorzien voor de lage tonen. Om het systeem meer betaalbaar te maken kunnen ook kleinere boxen gebruikt worden (zogenaamd "satellieten"), die de lage tonen niet weergeven. Deze lage tonen worden dan naar het effektenkanaal gestuurd. Omdat onze oren de lage tonen niet kunnen "plaatsen" speelt het geen rol dat de lage frekwenties van alle kanalen naar een enkele basluidspreker gestuurd wordt. Er is wel een hoorbaar verschil, maar die is miniem.

Omdat surround-versterkers niet kunnen weten of je volwaardige boxen gebruikt of satellieten, moet je de versterker instellen. Stuur je de volledige bandbreedte naar kleine boxen die daar niet voor gemaakt zijn, dan zal de geluidsweergave zeer slecht zijn (en worden de satellieten snel beschadigd).

Surround als multiroom?

Bij surround heeft men te maken met 5 volwaardige geluidskanalen. Zou het niet mogelijk zijn twee van de vijf kanalen in een andere ruimte te gebruiken? Het antwoord is neen en dit om verschillende redenen:
  • Het systeem is nooit bedoelt geweest voor multiroom en dat is ook niet voorzien in het ontwerp.

  • De achterste luidsperkers zijn effekt-kanalen en bevatten niet de informatie van de hoofdkanalen. Als een gewone stereo-bron beluisterd wordt, dan werken de achterste luidsprekers niet, ofwel produceren ze een effekt (stadium-nagalm,...enz). Luisteren naar een dergelijke bron is alles behalve aangenaam.

  • Tap je het signaal van de hoofdspeakers af, dan zullen deze minder luid klinken, waardoor het surround-effekt gedeeltelijk verloren gaat. Dit is zeker niet aan te raden, want de versterker kan daardoor overbelast worden.

Het beste bewijs dat surround systemen niet geschikt zijn voor een multiroom-opstelling: bij klassieke hifi versterkers heb je vaak een luidsprekerschakelaar A / B, waarbij de "B"-luidsprekers in een andere ruimte geplaatst kunnen worden. Zelfs de duurste surround-systemen zijn nooit uitgerust met een A / B keuzeschakelaar.

Bij echte multiroom systemen (bijvoorbeeld in bedrijven) wordt meestal zelfs niet in stereo gewerkt. In de keuken of op het bureau is een stereo-effekt meestal niet nodig en zelfs ongewenst.

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's