Historisch
De video voor huiskamergebruik
Video

De videorecorder

-

-

Eerst een beetje techniek...


Verschuiving van de frekwentiebanden bij opname
Om het beeld te kunnen opnemen moet er heelwat gebeuren met het videosignaal. Het videosignaal kan niet zomaar opgenomen worden op de band, want de talrijke drop outs zouden zichtbaar zijn in het beeld. Om het videosignaal te kunnen opnemen (met een bandbreedte tot 3MHz) moet de kop aan een relatieve snelheid ten opzichte van de band lopen van ongeveer 3 meter/seconde. Dit kan enkel gerealiseerd worden als de kop schuine sporen op de band schrijft. De sporen zijn bijzonder fijn, ongeveer 50µm; daardoor zijn dropouts en signaalvariaties sterk aanwezig.

Het videosignaal wordt dus omgezet in een FM signaal, waarbij de veranderlijke amplitude geen rol speelt. Men gebruikt een frekwentiezwaai die van ongeveer 3.5 tot 4.5MHz gaat (naargelang het systeem). Daardoor ontstaan er echter zijbanden die de informatie bevatten en die dus ook opgenomen moeten worden. De volledige frekwentieband gaat dus van ongeveer 1MHz tot 6MHz. De relatieve bandsnelheid moet daarom opgevoerd worden tot 5m/s.

De kleurinformatie kan niet samen met het videosignaal opgenomen worden omdat de bandbreedte beperkt is tot 3MHz, terwijl de kleurinformatie op 4.43MHz zit. De kleurinformatie wordt daarom omlaag getransformeerd naar een frekwentie rond de 600kHz. Bij de laserdisc die een hogere bandbreedte heeft is deze ingreep niet nodig.

Sommige toestellen zullen later Hifi geluid hebben. Dit kan men bereiken door het audiosignaal om te zetten naar FM op een frekwentie van 1.2 en 1.4MHz. De frekwentieband ligt echter in het gebied dat reeds door het beeld gebruikt wordt. Bij Sony (Betamax) lost men dit probleem op door de frekwentie van de luminantie op te schuiven naar een hogere frekwentieband (de kwaliteit van de videobanden en van de videokoppen is ondertussen zodanig verbeterd dat dit mogelijk is). Een Betamax videorecorder kan automatisch beide frekwenties lezen, schrijven gebeurt enkel op de hogere frekwentie. Bij VHS gebruikt men een extra paar koppen die een omgekeerde azimuth hebben zodat de interferentie beperkt blijft.

Bij het V2000 systeem moeten er ook nog signalen opgenomen worden voor de dynamische spoorvolging (zie lager).


VCR van Philips

VCR, VCR longplay en SVR

Begin jaren 1970 lanceert Philips de eerste videorecorder voor de consument. De prijs is echter nogal hoog (1/3 van de prijs van een auto), waardoor het toestel voornamelijk gebruikt werd in onderwijsinstellingen. Programma's van de schooltelevisie werden opgenomen om later voor de klas afgespeeld te worden (fysica en vooral vreemde talen).

De beeldkwaliteit was redelijk goed (en zal eigenlijk niet verbeteren bij de volgende systemen), dankzij de hoge aftastsnelheid van de videokoppen en brede videokoppen. Het systeem had bepaalde eigenaardigheden, zoals de twee spoelen die boven elkaar in de cassette zaten. Daardoor was het onmogelijk de band te spoelen terwijl die in de cassette zat: als het toestel ingeschakeld werd, werd de band rond de koppentrommel gelegd en alle funkties (opname, weergave, voorruit en terugspoelen) gebeurden met de band rond de koppentrommel. Daardoor verminderde de hoek van de band tot een voldoende lage waarde dat de band probleemloos gespoeld kon worden.

Een andere eigenschap was dat de volledige koppentrommel op een draaibaar plateau gemonteerd was. Bij het uitrijgen van de band draaide het plateau, waardoor de band meegenomen werd door de bandgeleiders en de drum een paar milimeters in de cassette bewoog. Dit was een vernuftig maar bijzonder complex mechanisch systeem.

De originele VCR gebruikt een koppentrommel met twee identieke koppen. Om overspraak tussen de twee koppen te vermijden moet er een tussenruimte (guard band) voorzien worden tussen de sporen, dit verklaart de relatief hoge bandsnelheid in vergelijking met de volgende videosystemen.

Bij VCR-longplay gebruikt met videokoppen met een schuine azimuth, waardoor er minder overspraak is tussen naburige sporen. De tussenruimte kan vervallen. De gebruikte cassettes zijn identiek, maar een LP opname kan niet afgespeeld worden op ene origineel toestel en omgekeerd. De duur van een opname gaat van maximaal 60 minuten naar 2 uur, hoewel de VC-60 banden problemen konden geven in de mechaniek omdat ze zeer dun waren.

Grundig heeft een eigen systeem op de markt gebracht SVR voor Super Video Recorder, mechanisch vergelijkbaar met het VCR systeem van Philips. Het systeem gebruikte cassettes met betere magnetische lagen, waardoor de bandsnelheid verder verminderd kon worden. Hier ook waren de opnames niet compatibel met de VCR en VCR-longplay norm, maar de SVR cassettes konden opgenomen worden in een Philips toestel (het omgekeerde was niet waar).


Betamax

Rond 1975 komt de Betamax op de markt. Sony gebruikt eveneens een rijgmechanisme vergelijkbaar met die van de VCR, maar hier liggen de twee spoelen op dezelfde hoogte in een langwerpige cassette. Hier ook blijft de band rond de drum tijdens alle mechanische funkties. Daardoor hebben de Sony toestellen een extra voordeel, "peep scan": tijdens het spoelen kan door het drukken van dezelfde spoelknop het beeld versneld getoond worden. Dit is een gemakkelijke manier om na te gaan op welke plaats de band gespoeld is.

In het algemeen had de Betamax een betere beeldkwaliteit (maar tengevolge van de lagere bandsnelheid een wat slechere geluidskwaliteit). Maar de eerste cassettes hadden een speelduur van slechts 1 uur (amerikaanse markt). De toestellen waren duur en de meeste klanten bleven liever nog een paar jaren wachten. Ze dachten waarschijnlijk dat het VHS systeem dat in ontwikkeling beter ging zijn. De speelduur van een cassette was inderdaad beter, de kostprijs lager (omdat alle fabrikanten een licentie konden kopen), maar de beeldkwaliteit ging achteruit.

In tegenstelling tot de andere systemen gebeurt de einde-band detectie door een spoeltje dat reageert op de metalen folie op het einde van de band. Bij alle andere systemen is er een doorzichtige strook en worden er twee lischtsluizen gebruikt (opwikkel en afwikkelspoel).

Op het einde van de Betamax tijdperk zijn er ook Hifi toestellen op de markt gekomen. Omdat de hifi opname met dezelfde videokoppen gebeurt als de beeldopname heeft Betamax niet de problemen die VHS later zal hebben met zijn hifi toestellen. Veel audiofanaten hebben hun spoelendeck vervangen door een Betamax hifi recorder, want de kwaliteit was zeer goed, en zal pas evenaard worden door de CD speler.


VHS

Het VHS systeem is een jaar na de Betamax op de markt gebracht en werd direct populairder dan het Betamax systeem. De beeldkwaliteit was niet denderend en het is pas met de invoering van het HQ systeem dat er verbetering kwam.

VHS gebruikt standaard de M-loading (in tegenstelling met de U-loading bij VCR en Betamax), waardoor de band sneller rond de koppen gelegd wordt. Toch is een U-loading niet onmogelijk: de Charlie decks van Philips gebruikten een U-loading (en de bandinstelling van deze toestellen was heel moeilijk goed te krijgen, waardoor er geen Hifi toestellen mogelijk waren).

Hifi geluid was mogelijk door twee aparte koppen die eveneens op de drum gemonteerd waren, maar een tegengestelde azimuth hadden van de videokoppen, waardoor de overspraak beperkt werd. Het hifi geluid werd eerst opgenomen op de band (deep recording) en daarover werd het videobeeld opgenomen, waarbij een deel van het hifi geluid gewist werd. Was de video niet perfect ingesteld, dan was het hifi spoort niet meer afleesbaar. Omdat het hifi geluid in de diepte opgenomen werd, konden enkel de betere banden gebruikt worden (gelabeled "Hifi"). 4-uur banden konden doorgans niet met hifi geluid opgenomen worden.

V2000

Het V2000 systeem werd in 1979 gelanceerd door Philips, ter vervanging van het VCR systeem. Op één cassette kon tweemaal 8 uur opgenomen worden. Vanwege de zeer fijne spoorbreedte was het beeld niet zo optimaal: het was eigenlijk een duur systeem voor een zeer middelmatig resultaat.

Bij dit systeem hoorde ook DTR of Dynamic Track Following: tijdens de opname worden er extra piloottonen opgenomen (in totaal 4 frekwenties). De frekwenties liggen laag in het spectrum, zodat er altijd wat overspraak is. Door de overspraak van de twee naburige sporen te vergelijken kunnen de koppen bijgestuurd worden. De koppen zijn daarom gemonteerd op een soort trilplaatje (piezo) die verbogen wordt als er een spanning aangelegd wordt.

Niet alle toestellen hadden DTR: de basistoestellen (de toestellen die het meest verkochten) hadden die mogelijkheid niet, waardoor je eigenlijk een toestel kocht dat niet beter was dan een VHS toestel. De overbrenging van de spoorvolging gebeurde met sleepcontacten die regelmatig vervangen moesten worden (nog vaker dan de pinch rollers van de VHS echo en charlie decks!). Vanwege de hoge spanning die nodig was kon er geen roterende transfo gebruikt worden.

De cassettes hadden extra inkepingen waarmee de bandlengte aangegeven werd. Door de band na het inbrengen kort vooruit en achteruit te spoelen kon de bandpositie redelijk nauwkeurig bepaald worden (dit systeem zal later ook toegepast worden in bepaalde VHS toestellen).

De tweede generatie toestellen (van Philips, want er waren geen andere fabrikanten) heeft een compacte mechaniek die als één geheel uit het toestel gehaald kan worden. Er was stereo mogelijk, maar enkel via de gewone audio-sporen, dus met een slechte geluidskwaliteit.

In 1986 wordt de productie van het V2000 systeem definitief gestaakt. De produktiekosten liggen te hoog en het systeem kan niet concurreren met het VHS systeem. Uiteindelijk zal Philips overstappen op VHS met de Echo deck, dan de Charlie deck met zijn eigenaardige bandloop, gevolgd door de uitstekende turbo deck. En op het einde zal Philips videorecorders in China laten maken door een fabrikant van broodoventjes. De kwaliteit gaat achteruit, maar de produktiekosten zijn laag.

SpoorbreedteLineaire bandsnelheidVideo aftastsnelheid
VCR (LP/SVR)50 (130/85)µm14.29 (6.56/3.95)cm/s8.1 (8.18/8.3)m/s
Betamax32.8µm1.87cm/s5.8 m/s
VHS (LP)49 (24.5)µm2.34 (1.17)cm/s4.8m/s
V200022.6µm2.44 cm/s5.0m/s

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's