Buizenversterkers
Bi-ampli versterkers
Bi-amp Bi-wiring

Bi-ampli versterkers bestaan uit twee enkelvoudige versterkers per kanaal. Een van de versterkers zorgt voor de lage tonen, de andere versterker voor de midden en hoge tonen. Dergelijke versterkers bestaan nog altijd in transistortechnologie en worden gebruikt voor "bi-amping". Bi-wiring is nog iets anders
-

-

Philips Bi-Amp
De originele "bi-amp" versterker: een dubbele versterker met een aparte eindtrap voor de lage tonen en een tweede eindtrap voor de mids en hoge tonen. Maar Philips heeft die naam ook gebruikt voor versterkers die eigenlijk geen bi-amp zijn, maar een SRPP schakeling.

Bi-amping en bi-wiring
Bij luidstrekers uit de duurdere classe heeft men vaak twee ingangen per luidsprekerbox, zodat men bi-wiring of bi-amping kan toepassen. Hier leggen we concreet uit wat dit betekent aan de aan van een concrete configuratie met dubbele stereo versterker en Energy C6 luidsprekerbox.

Moderne lampenversterker met bi-amping
Een installatie met lampenversterkers heeft zeker baat bij bi-amping (veel meer dan een transistorversterker). Het eerder beperkt vermogen van de lampenversterker kan veel beter benut worden: geen verliezen in de crossover filter en betere demping.

Moderne bi-amp systemen

Een bi-amp systeem heeft een voordeel dat niet direct zichtbaar is. De twee versterkers moeten een lager piekvermogen kunnen leveren dan de enkelvoudige versterker. Dat lijkt vreemd, een tekening zal het snel duidelijk maken. Het systeem moet een signaal met een amplitude van 2U kunnen weergeven (van -1U tot +1U). Als we de twee signalen optellen, dan gaat het signaal van -2U tot +2U, dus een dubbele amplitude. Maar het vermogen dat de versterker moet kunnen leveren is viermaal hoger (het vermogen stijgt kwadratisch met de spanning).

Het gemiddeld vermogen dat de enkele versterker moet leveren is niet viermaal hoger, maar wel het piekvermogen dat de versterker moet kunnen produceren zonder te vervormen (rood gedeelte). Daarbij komt nog dat er geen vermogen verloren gaat in de crossover filters.

Oscilloscoopbeeld rechts:
De versterker wordt teveel uitgestuurd en er is clipping. Het gevraagd vermogen bedraagt meer dan 15W, en dat is meer dan de versterker uitgerust met 4 ECL805 kan leveren, waardoor er clipping ontstaat. De versterker blijft wel perfect stabiel werken.

Door een dubbele versterker te gebruiken had men de clipping kunnen vermijden: zonder het laagfrekwent component was er geen clipping geweest en ook het laagfrekwent component zelf zou niet geclipt worden.

Voor bepaalde toepassingen waar een hoog vermogen en een lage vervorming nodig is (on stage) worden monitorluidsprekers gebruikt met ingebouwde versterkers, waarbij iedere speaker zijn eigen versterker heeft. Het zijn tweewegs, driewegs en zelfs vierwegs versterkers. Versterkermodules die in classe D werken (niet lineaire versterkers die zoals een schakelende voeding werken) zijn klein en hebben een hoog rendement zodat ze in de kast zelf ingebouwd kunnen worden.



Voor consumertoepassingen is doorgaans een scheiding bass en mid/hoog voldoende (de sterkste amplitude en de hoogste risico op intermodulatievervorming zit in de lage tonen).

Gebruikt men driewegs luidsprekers, dan wordt een normale crossover filter gebruikt voor de mid en hoge tonen. Voor de woofer wordt er geen filter gebruikt zodat een betere demping mogelijk is.

De actieve speaker is vaak een zeer goede oplossing: er gaat geen ruimte verloren want de versterker zit in de luidsprekerbox waar er doorgaans renoeg ruimte is, er zijn geen dikke kabels nodig en alle elementen zijn op elkaar afgestemd. Het is echter spijtig dat de meeste systemen met laagwaardige componenten gebouwd worden, blijkbaar kan je geen goede luidsprekerconfiguratie bouwen samen met een goede versterker.

Publicités - Reklame

-