| Bi-ampli versterkers bestaan uit twee enkelvoudige versterkers per kanaal. Een van de versterkers zorgt voor de lage tonen, de andere versterker voor de midden en hoge tonen. Dergelijke versterkers bestaan nog altijd in transistorechnologie en worden gebruikt voor "bi-amping" en "bi-wiring". |
-
|
Originele Bi-ampli: twee versterkers, één voor de lage tonen en één voor de mid/hoge tonenWe zien een toenemend gebruik van de FM band in radiotoestellen eind van de jaren 1950. Met FM is een betere dynamiek en een uitgebreidere bandbreedte mogelijk. Om van deze mogelijkheden gebruik te maken moet het audio versterkergedeelte wel aangepast worden.Een buizenversterker heeft een relatief hoge vervormingsfactor. In de praktijk hoort men vooral de intermodulatievervorming die daardoor ontstaat: het geluid is rommelig geworden. Een mogelijke oplossing is de lage tonen te splitsen en die door een aparte versterker te sturen. De lage tonen hebben een hoge amplitude en zijn verantwoordelijk voor de intermodulatievervorming. Een tweede voordeel is dat men een tweewegsysteem kan gebruiken zonder filters aan de uitgang van de versterker. Deze filters nemen een deel van het beschikbaar vermogen op en verminderen de demping van de luidsprekers.
De eerste schakeling toont de originele Bi-ampli ontwerp: een normale radio (mono) met extra middenfrekwent pentode voor de FM band (EF85). De triode van de EABC80 werd niet gebruikt en werd vervangen door een dubbele triode ECC83. De volumeregeling zit voor de eerste triode, de lage tonenregeling tussen beide triodes en de hoge tonen regeling na de tweede triode. Deze regeling heeft enkel invloed op de midden/hoog versterker (de bovenste). De onderste pentode versterkt enkel de lage tonen. Na versterking wordt het signaal naar de specifieke luidspreker gestuurd, een woorder of een mid/hoge tonen luidsprekers, doorgaans uitgerust met een dubbele conus. De lage tonen transfo is uitgerust met een extra wikkeling om de 100Hz brom tegen te gaan (meer informatie daarover lager op de pagina). Men kan een externe luidspreker aansluiten die de som van beide versterkers ontvangt. De luidsprekeruitgang is daardoor niet gereferenceerd aan de massa. Tegenwoordig gebruikt men nog steeds dezelfde bi-ampli schakeling in bepaalde esoterische versterkers die een aparte uitgang hebben voor de lage en midden/hoge tonen. Hier moet men aangepaste luidsprekers gebruiken. Bij bi-wiring gebruikt men enkel aparte kabels en luidsprekers met twee ingangen per box.
Tweede versie van de Bi-ampli: een speciale schakeling (SRPP) voor een hogere kwaliteitBij een tweede versie gebrukt men het bi-ampli logo voor radiotoestellen met een enkelvoudige uitgangstrap, maar uitgevoerd in SRPP schakeling. Met deze schakeling kan de uitgangstransformator vermeden worden door twee uitgangspentodes EL86 te gebruiken, samen met hoogohmige luidsprekers. Intern wordt er gesproken over de OTL technologie (Output Transformatorless), maar de verkoopsdienst blijft de benaming Bi-ampli gebruiken, die blijkbaar al een zekere erkenning heeft en synoniem staat voor hoge kwaliteit.De radiotoestellen hebben eveneens twee luidsprekers zoals in de originele bi-ampli schakeling, de woofer krijgt het ongefilterd signaal van de versterker, het signaal voor de tweeder wordt door een seriecondensator gefilterd. Een goed ontworpen OTL schakeling had een zeer lage vervorming in vergelijking met een meer courante single ended versterker, zodat men de label Bi-ampli bleef gebruiken. Dezelfde schakeling werd ook gebruikt in de nieuwere televisietoestellen zodat men een hoger volume kon halen zonder de vervorming teveel te doen stijgen.
Derde versie Bi-ampli:
De stereo komt eraan! Maar technische vernieuwingen werden vaak pas jaren later in productie genomen. |
|
|
|---|
En nu?
De bi-ampli schakeling (gescheiden laag en hoog versterking) wordt weinig gebruikt bij buizenverserkers, terwijl die een merkbare kwaliteitsverbetering kan teweeg brengen door het onderdrukken van de intermodulatievervorming. Maar een dergelijke schakeling vergt een versterker met het dubbele aantal vermogensbuizen.De filter zit na de voorversterkertrap en beide luidsprekers in de box worden direct aangestuurd vanaf de respectievelijke versterker. Er is geen verlies in de filter en de demping van de luidsprekers is optimaal.
Bij een stereoversterker heeft men 4 eindtrappen nodig, dus in feite 8 eindbuizen als men een balansversterker wilt bouwen. Voor de lage tonen kan men de typische EL84 gebruiken, voor de midden en hoge tonen volstaat een zwakkere versterkerbuis zoals de EL90, EL91, EL95,... Zelf gebruik ik een EL508 voor mid en hoog en een EL504 voor de bassen (10 + 20W per kanaal). Deze buizen waren eigenlijk een overkill voor mijn klein huisje en een nieuw ontwerp gebruikte allemaal ECL805 buizen in een klassieke push pull.
Zoals een stereo versterker van tweemaal 10W "luider" klinkt dan een mono versterker van 20W, zo klinkt een bi-amp versterker van tweemaal 10 + 20W luider dan een enkelvoudige versterker van tweemaal 30W.
Publicités - Reklame


