Buizenversterkers
inleiding: transformator en stand by schakeling
Voeding

In deze inleiding bespreken we de voedingstransformator en de stand by schakeling
-

-

Voedingstransformatoren

Als ik een versterker bouw gebruik ik altijd twee losse transformatoren: dit is goedkoper dan te werken met een aangepaste transformator en meestal is het gemakkelijker de twee kleinere transformatoren in te bouwen. De speciale transformatoren die zowel 6.3V geven als 230V zijn doorgaans vrij duur.

Ik gebruik een voedingstransfo van 12V voor de gloeispanning (beide buizen in serie en ECC81... aangesloten op pen 4 en 5). Dergelijke transformatoren werden vroeger veel gebruikt voor halogeenverlichting. Kies echter geen electronische transfo, daar zit een hoogfrekwente oscillator in (een perfecte stoorzender). De gelijkgerichte en verdubbelde 12V wordt gebruikt voor de negatieve stuurroosterpolarisatie (-33V).

Voor de hoogspanning gebruik ik een scheidingstransfo 230 naar 115 + 115V. Met de middenaftakking heb ik direct de halve voedingsspanning voor de schermroosters van de EL504. Kies het dubbele VA vermogen in vergelijking met het uitgangsvermogen. Bouw je een kleine versterker van 20W per kanaal, dan moet een een hoogspanningstransfo van minstens 50VA gebruiken, anders zakt de spanning teveel in elkaar als de versterker op vol vermogen werkt.

De schakeling rechts is een standaard-voeding, afkomstig van het boek van Menno van der Veen. Zoals alle gepubliceerde schakelingen van Menno van der Veen valt er iets op te merken aan de schakelingen. Het is bijvoorbeeld nodig anti-ratelcondensatoren naar massa te plaatsen op de verschillende secundaire uitgangen van de transfo. Gebruik daarvoor 10nF voor de hoogspanning en 100nF voor de gloeispanning. Deze condensatoren zullen de netstoringen naar de massa afleiden en het geratel van de diodes onderdrukken.

Standby schakelaar

S2 is een standby schakelaar. De bedoeling is de buizen op temperatuur te laten komen zonder hoogspanning. Als de versterker moet gebruikt worden, dan wordt de schakeling van hoogspanning voorzien. Wat kan er mis zijn met deze deelschakeling?

In het algemeen is het niet aangeraden buizen te laten gloeien zonder aangesloten hoogspanning, de cathode kan daardoor fysich veranderen. De meningen zijn daarover verdeeld. De hoogspanning later aanleggen dan de gloeispanning is echter positief, omdat daardoor hoge spanningen op voortrappen vermeden kunnen worden. De versterker gebruikt weerstanden om de spanning te verlagen voor de verschillende buizen, maar als er nog geen electronenstroom op gang is gekomen kan de spanning te hoog worden.

De oplossing is heel eenvoudig: men moet een weerstand van hoge waarde plaatsen over de standbyschakelaar (100kΩ 5W). Daardoor ontstaat er een lichte hoogspanning (maximaal 50V). Dit is optimaal om de condensatoren opnieuw te formeren (ze zullen veel langer meegaan). Een ander voordeel is dat de versterker zeer zwak speelt, het is een soort mute-funktie. Zo weet je dat er audiosignaal op de ingang aanwezig is en je wordt dan niet verrast door luide muziek als de hoogspanning ingeschakeld wordt.

R20 is nuttig om de maximale stroom te beperken. men zal hier een draadgewonden weerstand van 10Ω 5W kiezen.

Bij bepaalde ontwerpen wordt ook het gloeivermogen beperkt tot 80% als de versterker in stand by staat. Dit kan gemakkelijk gerealiseerd worden door een relais als de voedingstransfo een 6.3 en een 5V uitgang heeft, of men ka&n een draadgewonden weerstand van enkele ohms in serie plaatsen in standby.

Met een lagere gloeivermogen wordt de gloeistroom in koude toestand ook beperkt, en dit komt de levensduur van de buizen zeker ten goede (de buizen gaan doorgaans defekt bij het inschakelen zoals gloeilampen).

PublicitÚs - Reklame

-