Buizenversterkers
Direct verhitte triode
811A

De 811A is een amerikaanse direct verhitte triode. De buis kon gebruikt worden in een audioversterker (doorgaans als modulatieversterker) of als radiofrekwente versterker in zendstations.
-

-

De 811A is de eenvoudigste vorm van de versterkerbuis: een direct verhitte cathode (wolfram gloeidraad), een rooster en een anode. Het is als het ware de voorloper van de 807 een beam tetrode die ook als audio- en radiofrekwente versterker gebruikt werd.

In een push pull versterker leveren twee 811A een vermogen van 160W met een anodespanning van 1500V en een anodestroom van 175mA. Bij dit vermogen loopt er een roosterstroom van 34 à 50mA. De wisselspanning op het rooster moet 60Vrms bedragen (170Vpp tussen beide roosters).

In rust (geen modulatie) bedraagt de anodedissipatie 65W, de negatieve roosterspanning is dan -4.5V en de anode ruststroom is ongeveer 32mA. Bij een anodespanning van 1250V is er geen negatieve roosterspanning.

Dit is wat men in die tijd ICAS-bedrijf noemde: Intermittent Commercial and Amateur Service. Voor broadcast toepassingen (CCS: Continuous Commercial Service) werden de eindtrappen niet zo sterk uitgestuurd. In veel datasheets worden deze parameters door elkaar gehaald: de grafiek rechts is voor een ICAS toepassing, waar de eindtrappen zwaarder belast worden.

De schakeling toont een typische modulatieversterker om het radiosignaal in amplitude te moduleren. De modulatie gebeurde doorgaans op hoog vermogen, aan de zendbuis zelf. De meeste uitzendingen gebeurden op de middengolf of de korte golf en een hoge geluidskwaliteit was niet nodig. De 811A kon trouwens ook als versterker gebruikt worden voor radiofrekwenties tot op 27MHz.

Drivertrap: 2A3

De stuurtrap gebruikt twee 2A3, dit zijn ook direct verhitte triodes. In die tijd kon men enkel een voldoende emissie halen door een direct verhitte cathode te gebruiken (de wolfram gloeidraad fungeerde als cathode). De 2A3 werd doorgaans gebruikt als eindtrap in audio versterkers, zowel single ended als in een push pull combinatie.

De parameters die vermeld staan zijn de standaard werkingsparameters van de 2A3. De polarisatie gebeurt door een gemeenschappelijke cathodeweerstand. De gloeistroomtransformator wordt niet getoond op de figuur, de transfo levert 2.5V 5A aan beide lampen.

De koppeling naar de eindtrap gebeurt met een transformator, dit was toen de goedkoopste manier om de eindtrap aan te sturen, in een tijd waar de electronische buizen de duurste componenten van de installatie waren. De wisselspanning wordt daardoor verhoogd met een factor 6 (× 2). De buizen werken in classe A1, dus zonder roosterstroom.

De transformatorkoppeling is de goedkoopste oplossing maar veroorzaakt extra vervorming. Er is geen tegenkoppeling voorzien voor modulatieversterkers, waardoor de schakeling meer stabiel is, en men heeft geen extra buis nodig om de signaalverzwakking ten gevolge van de tegenkoppeling te compenseren.

Eindtrap: 811A

De "A" versie is de verbeterde versie van de 811. In bestaande versterkers mag de standaard versie vervangen worden door de A-versie, maar niet omgekeerd.

De roosterpolarisatie gebeurt hier met een zwakke negatieve spanning, die nodig is als de hoogspanning 1500V bedraagt en niet nodig is met een hoogspanning van 1250V. Het rooster wordt dus sterk positief gestuurd om een voldoende anodestroom te hebben ondanks de verdringingsfactor van triodes. Als er een hoge anodestroom loopt, daalt immers de anodespanning, waardoor de anodestroom begrensd wordt. Door een positieve roosterspanning te gebruiken worden de electronen versneld waardoor er toch een voldoende anodestroom geleverd.

De transfo voor de gloeispanning moet hier een stroom van 8A leveren bij een spanning van 6.3V. De gloeidraad is een legering van wolfram en thorium; thorium dient om een betere emissie te hebben. De gloeidraad (cathode) moet op een hogere temperatuur werken om een voldoende emissie te hebben, maar daartegenover staat dat de cathode minder gevoelig is voor het ionenbombardement. De cathode gaat langer mee in intensief bedrijf en er komen geen bariumoxide deeltjes los.

Omdat er geen bariumoxide deeltjes loskomen kan het rooster zo dicht mogelijk bij de kathode staan. De invloed van het rooster is daardoor sterker en de buis heeft een hoge versterking, ondanks de verdringingsfactor eigen aan triodes.

Publicités - Reklame

-