Buizenversterkers
Single Ended versterker met 6F5P/ECL805
ECL805

Index single ended
testversterkers
Dit is een complete single ended versterker met een triode-tetrode ECL805/6F5P.
Met deze combi-buis kan je een complete versterker bouwen met zeer weinig onderdelen.
Het vermogen is beperkt, omdat het rendement nooit boven de 30% kan komen bij een single ended versterker.
-

-

Uiteindelijk heb ik toch een stereo versterker gebouwd met twee kleine triodes-tetrodes, om die dan te geven aan een oud-collega. Ik heb daarvoor een lot 6F5P uit het Oostblok gekocht (2.50€ stuk), vroegere testen hebben uitgewezen dat deze lampen perfect compatibel zijn met onze ECL805. Zoals gewoonlijk bouw ik de versterker rond de onderdelen die ik heb.

Van deze eenvoudige single ended versterker heb ik verschillende versies gebouwd (dit is waarschijnlijk de laatste uitvoering), iedere keer om de schakeling te verbeteren. Het is leerzaam om de verschillende versies van de versterker te tonen, het is waarschijnlijk meer leerzaam (hoop ik toch) van de verschillende versies te zien. Dit is de basisversie met PCL805/6F5P (waarbij beide buizen vergeleken worden).

Ik heb een voedingstransfo met een uitgangspanning van 230V, 30VA, dit is perfect voor de hoogspanning. De transfo heeft echter geen middenaftakking, waardoor ik een zenerdiode zal moeten gebruiken voor de schermroosterspanning. Sweep tubes werken enkel goed als de schermroosterspanning op de ene of andere manier gestabiliseerd is.

Voor de gloeispanning gebruik ik een 12V transfo (1A), de twee lampen worden in serie geschakeld.

De output transformatoren zijn van een gemiddelde kwaliteit, de bandbreedte is eerder beperkt (50Hz - 18kHz). De transfo heeft ook een lichte neiging tot "ringing" (een onaangenaam rinkelen bij de hoge frekwenties). Het is nauwelijks hoorbaar, maar goed zichtbaar op een skoopbeeld als je een blokgolf van 400Hz weergeeft.

Ik heb dit probleem opgelost door een kleine condensator tussen de anode van de tetrode en het schermrooster te plaatsen. De optimale waarde bleek 1.8nF te zijn. Door de condensator is er een lokale tegenkoppeling (het schermrooster fungeert als ingangselectrode) en vermindert de versterking van de hoge tonen. Dankzij de weerstand van 1kHz wordt de transformator gedempt wat betreft de hoge tonen.

Ik kan begrijpen dat deze ingreep niet toegepast wordt bij commerciële versterkers: de ingreep werkt niet goed met alle types buizen, hangt af van de bouw en plaatsing van de onderdelen en zelfs van de impedantie van de luidspreker. De condensator en de weerstand van 1kΩ moeten op de pennen van de buis gesoldeerd worden,niet op de print. Maar als de omstandigheden goed zijn, is de versterker mooi stabiel en worden de hoge tonen heel beperkt onderdrukt. Bij een beam tetrode moet het schermrroster ook aangezien worden als een ingang. De schermroosterstroom bedraagt 2mA, dus minder dan 10% van de totale stroom door de buis.

Het vermogen dat gehaald kan worden met deze versterker is eerder beperkt (2.6W met een voedingspanning van 325V), maar dat is eigen aan alle single ended versterkers. Met zo'n laag vermogen heeft het weinig zin de laagste frekwenties door te laten (dat is de reden van de koppelcondensator van 47nF), die zouden de versterker volledig oversturen. Ook de hoge tonen worden beperkt (anodecondensator tetrode) zodat de versterker aangenaam en niet vermoeiend klinkt. De versterker heeft heel beperkt de klank van een oude lampenradio.

Dat de versterker een laag vermogen geeft valt niet op (in een normale huiskamer, niet in een fuiftent) omdat de vervorming slechts geleidelijk toenemt (geen harde clipping zoals bij transistoren). De 2.3W wordt gehaald bij een normale vervorming van 3%, bij 3W zitten we aan 10%.

Omdat de versterker een "keeper" is, werd de schakeling op een printplaatje gemaakt (er zijn twee identieke printjes nodig voor een stereo versterker). De schakeling ziet er complexer uit op een printplaat in vergelijking met opstelling met losse verbindingen.

Voor de spanningsstabilisatie gebruik ik twee zenerdiodes van 77V 1W. Het is mogelijk een gezamelijke schermroosterspanning te voorzien, maar dan moet je een weerstand van 6.8kΩ 10W gebruiken en zenerdiodes met een hoger vermogen. Iedere tetrode moet zijn eigen anode-condensator en schermroosterweerstand van 1kΩ hebben.

Uit ecologisch standpunt is het natuurlijk veel beter een transfo met een middenaftakking te gebruiken, dan heb je direct de juiste schermroosterspanning en verlies je geen 10W (totaal) in de spanningsdeler. Je hebt dan enkel een voedingselko van 22µF/200V nodig.

Publicités - Reklame

-