Buizenversterkers
Parallel push pull
PCL805
Servers » TechTalk » Historisch perspectief » Audio » Buizenversterkers » Eindtrap » Buistypes » Parallel push pull PCL805

Op deze pagina het verslag van de testen van een balansversterker (parallel push pull) met een paar PCL805. Dankzij de extra triode is een volledige stereoversterker te bouwen met slechts 4 buizen.
-

-

Op een vorige pagina staat vermeld dat ik push pull versterkers gebouwd hebt met PCL86 en PCL805 buizen. Dit was jaren geleden en ik wou nu eens de caracteristieken van dergelijke versterkers bepalen met een signaalgenerator en een skoop met rekenmodule, zoals ik gedaan heb met SRPP versterkers. De SRPP versterkers, in hun complete uitvoering althans, zijn ook perfecte push pull versterkers, maar dan met de buizen in serie aangesloten in plaats van parallel.

Het probleem van de balansversterker is de outputtransformator. Wil je een deftige transformator, dan betaal je gemakkelijk meer dan honderd euro. Op ebay vindt je veel transformatoren uit afbraaktoestellen. Van deze transformatoren kan je de eigenschappen niet meer terugvinden: dergelijke transformatoren zijn onbruikbaar in een stereoversterker. Fabrikanten van versterkers en radio's (de duurdere: de normale radio's hadden een single ended eindtrap) gebruikten verschillende types transformatoren tijdens de produktie zodat de kans klein is dat je twee identieke outputtransformatoren op de kop kan tikken.

Een alternatief op de balansversterker is de SRPP versterker die vroeger veel gebruikt werd om 800Ω luidsprekers aan te sturen in televisies en betere radio's. Een dergelijke versterker kan gemakkelijk aangepast worden om te werken met moderne luidsprekers en de kost van de dure transformator komt te vervallen. Een ander alternatief is de circlotronschakeling, maar die heeft een complexe voeding nodig.

Hier ook gebruik ik buizen die ik in grote aantallen heb: de PCL86 en PCL805. De PCL86 is vergelijkbaar met de EL84, maar met een extra triode en een gloeispanning van 13V. De maximale toegestane belasting is ook wat lager. De PCL805 is eigenlijk een rastereindtrap van zwart-wit televisies, maar ik heb gemerkt dat die zeer goed presteert in bepaalde toepassingen waar een hogere stroom gewenst is (en een lagere hoogspanning om de maximale dissipatie niet te overschrijden). Door de hogere stroom die mogelijk is (vooral bepaald door de veel grotere cathode) is deze buis een goede kandidaat voor een classe AB werking... Maar uit testen is gebleken dat de classe AB eigenlijk niet geschikt is voor deze buis. De gloeispanning voor de PCL805 bedraagt 18V.

Voor de testversterker met PCL805 heb ik mij gebaseerd op de volgende schakeling. Ik heb zowel gewerkt met een vaste negatieve voorspanning voor de eindtrappen als met één en twee cathodeweerstanden. Voor de testen werd de terugkoppeling uitgeschakeld.

Stroommeting één uitgang

Minderwaardige transformator

Ringing

Nieuwe balanstransformator

Driehoekspanning

De outputtransformator heeft een primaire impedantie van 2×2.5kΩ de ideale waarde voor een EL84 (en ook voor een PCL86).

Stroommeting op de anode van één van de eindbuizen
Als de buis in geleiding is daalt de spanning (anodestroom meting door weerstand, zonder aangesloten transfo). Men ziet goed de vervorming door de werking in classe AB, maar in tegenstelling met transistoren is er geen scherpe overgang tussen geleidend en niet-geleidend. De bedoeling is de roostervoorspanning zodanig in te stellen dat dat de vervorming van de twee buizen elkaar compenseren.

Sinus signaal op de uitgang
Een duidelijk probleem met balanstransformatoren van onbekende oorsprong: de transformator die "geschikt is voor EL84, EL34, 6V6, 6L6,..." (vul de lijst zelf aan) kan niet meer dan een paar watts overbrengen. De meting is over een 4.7Ω belastingsweerstand. We bekomen 11W, maar met een heel storende vervorming. Een dergelijke vervorming kan nauwelijks gecompenseerd worden door een terugkoppeling.

Met een PCL805 levert de versterker een vermogen van 9.5W (vervorming 1%) bij een voedingsspanning van 270V.

Spijtig dat ik (nu meer dan 20 jaar geleden) mijn buizenversterkers van de hand heb gedaan. In naam van de wetenschap heb ik dan maar besloten een dure balanstransformator te kopen van een gerenomeerd merk om de testen verder te doen. Stay tuned (81.83.9.93).

Ringing
In vergelijking met een SRPP schakeling met een 100V sonorisatietransformator is er ook een sterke ringing aanwezig, veroorzaakt door de afgeknepen pentode. De pentode die niet in geleiding is heeft geen controle meer over zijn wikkeling en uitslingeren is mogelijk. Dit probleem kan gemakkelijk opgelost worden door middel van een boucherot filter, die normaal bedoeld is om de impedantie van de luidspreker te lineairiseren, maar die hier gebruikt wordt om de ongewenste oscillaties te onderdrukken (RC snubber). Per wikkeling (anode) een weerstand van 1kΩ en een condensator van 10nF naar massa.

Test met andere balanstransfo
En uiteindelijk is mijn (dure) balanstransformator toegekomen en kunnen de testen verder plaatsvinden.

De PCL805 werkt normaal met een hoge stroom (in vergelijking met de PCL86). Er is echter een manier om de PCL805 te temmen, en dat is zijn G2-spanning te verlagen tot de helft van de voedingsspanning. Deze ingreep wordt ook toegepast bij lijneindtrappen zoals de PL504. De buis is omgetoverd tot een uitstekende audiobuis met voldoende vermogensreserve.

Zou men de PCL805 met dezelfde schermrooster instellingen als de PCL86 gebruiken, dan zou men een veel te negatieve roostervoorspanning moeten gebruiken, waardoor de buis niet meer lineair werkt.

Hier is opgevallen (en dat is ook te zien aan het skoopbeeld van een halve eindtrap) dat de overgang van "geleidend" naar "niet geleidend" heel geleidelijk is. Het is moeilijk de versterker in classe AB te laten werken, het enige dat men bekomt is dat de versterking van de pentode lager wordt. Verandert men de roostervoorspanning, dan verandert men het uitgangssignaal: de eindtrap werkt zoals een buis met variabele steilheid (EF85). Door de stuurrooster spanning te veranderen kan men het uigangsvermogen variëren in een grootte-orde van 1 naar 10.

Het is hier belangrijk een vaste g2-spanning te gebruiken, niet een spanning die afgeleid is van de hoogspanning en verlaagd wordt door een G2-weerstand (testwaarde = 47kΩ). Als men geen vaste spanning gebruikt, dan variëert de spanning naargelang de muziekinhoud en is de schakeling niet stabiel. Het is zelfs zo dat de totale stroomopname hoger ligt als er geen signaal versterkt wordt!

Aangezien de vaste spanning de helft van de voedingsspanning moet bedragen, kan men best een transformator gebruiken met middenaftakking, bijvoorbeeld een transfo die secundair 110 + 110V levert (een scheidingstransfo van 50VA is ideaal). De g2-stroom is beperkt en een enkelvoudige gelijkrichting en filtering met een elko van 47µF is voldoende.

De reden om de G2 spanning te verlagen is natuurlijk om een lagere anodestroom te hebben, zodat de dissipatie niet overschreven wordt als men een voeding van 300V gebruikt. De voeding van 300V is nodig omdat de transformator een impedantie van tweemaal 2.5kΩ heeft en het maximaal vermogen beperkt wordt door de clipping tegen de voedingslijn.

Bij een sinusspanning heeft men een spanningszwaai van 187V effektief (535V top-top) om een vermogen van 12W te halen (de anodestroom werd verhoogd naar 30mA). Overigens heeft deze buis geen last van dergelijke hoge wisselspanningen, in de rastereindtrap van oude televisies komt men spanningen van 700V tegen.

Bij een anodestroom van 30mA zit men zeer dicht bij de maximale dissipatie van de buis en is een stroom van 25mA aangeraden, het verlies aan vermogen is beperkt. De stroom wordt ingesteld door de stuurrooster voorspanning.

Driehoekspanning
Een driehoeksignaal is bijzonder moeilijk weer te geven met een buizenversterker. Driehoeksignalen worden doorgaans niet gebruikt om versterkers te testen, men is gewoon blokgolven en sinussen te gebruiken. Met een driehoek kan men goed zien of een versterker lineair werkt.

Dit signaal hier is zeer goed (terugkoppeling uitgeschakeld): test maar eens je buizenversterker met een driehoeksignaal en je zal versteld staan hoe vervormd het signaal is.

Conclusie PCL805
De schakeling kan zowel met een vaste negatieve roostervoorspanning als met een cathodeweerstand werken. Met een cathodeweerstand is er een automatische stabilisatie van het werkpunt, met een vaste negatieve voorspanning heeft men ongeveer 10% meer vermogen met eenzelfde hoogspanning. Werkt men met een voorspanning, dan is het interessant beide spanningen onafhankelijk van elkaar te kunnen instellen, zeker als men buizen van ongekende origine gebruikt. Een stroomverschil van 1mA is niet significant.

Omdat de PCL805 een remote cutoff buis is (buis met variabele steilheid) zijn wat het gehoor betreft nauwelijks verschillen tussen een vaste negatieve voorspanning of een cathodeweerstand. De cathodeweerstand moet ontkoppeld worden, anders bedraagt het vermogen minder dan 50%.

De uitleg over de push pull versterker met PCL86 staat hier.

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's

-