Buizenversterkers
Eindtrappen met buizen voor lijnafbuiging
Lijnbuizen

Men kan een hifi versterker bouwen met buizen die oorspronkelijk bedoelt waren voor andere toepassingen, zoals buizen die gemaakt werden voor lijneindtrappen. Deze buizen hebben talrijke voordelen.
-

-

Lijneindtrappen werden regelmatig als balanseindtrap in audioversterkers gebruikt. Dit zijn enkele eigenschappen van dergelijke beuizen:
  • De buizen hebben doorgaans een hogere stuurspanning nodig (40Veff) en dus een zwaardere stuurtrap. Bepaalde montages zijn niet aangewezen. Het sturen van de eindbuizen direct vanaf de omkeertrap is niet mogelijk.

  • De versterker heeft een hogere vervorming die onderdrukt kan worden door een locale terugkoppeling (zie schemavoorbeelden).

  • De eindtrappen kunnen ook aangestuurd worden op g2 (schermrooster). De vervormingen zijn zeer laag, maar de schakeling wordt complexer.

  • De lijneindtrappen zijn power tetrodes (dus zonder keerrooster). Een minimale anodestroom is nodig om een virtuele keerrooster te doen ontstaan. De buizen hebben daardoor een lagere inwendige weerstand.

  • De gloeispanning is niet-standaard, alle gloeidraden werden aangesloten in een seriekring. Men moet een aangepaste transformator gebruiken.

  • Het schermrooster van een lijneindtrapbuis wordt best op een wat lagere voedingsspanning aangesloten (150 160V), waardoor een ultra lineair schakeling (UL) niet mogelijk is.


De eerste lijneindtrapbuis die als audioversterker gebruikt werd is de PL81 en EL81. De balansversterker haalt een vermogen van 20W.
Vanaf het begin van de televisie heeft men buizen die oorspronkelijk ontworpen werden als lijneindtrap gebruikt als audio eindtrap, en dan vooral in push pull configuratie. Het waren vooral de amateurs (televisieherstellers...) die hun overschot aan lijneindtrapbuizen gingen gebruiken in hifi versterkers. Radio-amateurs, die gebruikten dezelfde buizen als zendbuizen in classe C...

Een pentode (eigenlijk een beam tetrode) die ontworpen is voor een lijneindtrap gebruiken in een audioversterker is geen slechte idee. De buizen moeten eigenschappen hebben die ze zeer geschikt maken voor audiotoepassingen, namelijk een hoge anodestroom bij een lage anodespanning.

De demping van versterkers uitgerust met dergelijke buizen was dan ook zeer goed, en de eigenschappen werden nog verbeterd door een eventuele lokale tegenkoppeling. Men heeft dus de voordelen van transistorversterkers (strakke, krachtige bassen) en mooie, goed gedefinieerde hoge tonen.

De EL34 is eigenlijk de echte audio eindtrap, men kan eveneens een vermogen halen van 20W (bij 0.1% vervorming) bij een voedingsspanning van 350V (anodestroom van 35mA in rust, tot 120mA bij maximaal vermogen van 40W met 5% vervorming). In bepaalde schakelingen gebruikt men nog hogere spanningen om een hoger vermogen te halen.

Beam tetrodes (die onder ander gebruikt werden in lijneindtrappen van zwart-wit en kleurentelevisies) hebben zeer interessante eigenschappen. De beam tetrodes worden hier besproken.

KT66

KT88

De KT66 en KT88 zijn ook beam tetrodes ("Kinkless Tetrodes"), maar ik heb geen ervaring met deze buizen. Een versterker met een paar KT66 kan 50W per kanaal leveren, n met een paar KT88 haalt 100W.

Deze buizen hebben een redelijke hoge werkspanning nodig (in vergelijking met de buizen voor lijnafbuiging die hun nominaal vermogen halen met een spanning van 250V).

Door de specifieke constructie kan men deze amerikaanse buizen niet gebruiken voor RF toepassingen, terwijl de europese lijneindtrappen tot 30MHz gaan.

Buizen die in lijneindtrappen gebruikt werden hebben dus superinteressante eigenschappen, maar een vreemde gloeispanning (27V voor PL504 en 40V voor PL509/PL519), veroorzaakt door het feit dat de gloeispanning van alle buizen bekomen wordt door een serieschakeling van alle gloeidraden. Men kan tegenwoordig buizen kopen zoals de EL509 die de goede eigenschappen heeft van een lijneindtrap gecombineerd met een normale gloeispanning van 6.3V.

Na deze uitgebreide inleiding geven we enkele schemas:

Eerste schakeling
Penthodes PL504 PL509 PL519 voor een hifiversterker:
Complete schakeling in ultralineair configuratie en gewone configuratie, eenvoudige voeding met scheidingstransfo (geen voeding met speciale transfo)

Tweede schakeling
Aanpassingen voor gebruik met een lagere voedingsspanning. Het maximaal vermogen kan niet gehaald worden, maar lijneindtrapbuizen kunnen 10W leveren per kanaal bij een voedingsspanning van ongeveer 125V.

Derde schakeling (circlotron)
Deze pagina bevat verschillende circlotron versterkers, namelijk een versterker voor een 100V-distributielijn uitgerust met een dynamische instelling van de roostervoorspanning en een versterker zonder uitgangstransformator.

Andere schakelingen
Verschillende schakelingen die op het internet circuleren: de eerste schakeling is volkomen waardeloos. Door de schakelingen te analyseren kom je te weten op wat je moet letten. En van de schakelingen heeft een audiocompressor.

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's

-