| De EL3N is een buis met transcontinental buisvoet, een buisvoet die voor en na de tweede wereldoorlog gebruikt werd. De buis wordt hier besproken omdat ik laatst een schakeling tegenkwam waar de buis gebruikt werd in een esoterische schakeling (voor een vermogen van 1W met een vervorming van ongeveer 5%). Ik leg hier ook uit hoe de buis ontstaan is en voor wat dat de buis oorspronkelijk bedoeld was. |
-
De EL3 werd als eindtrap in talrijke radio's gebruikt voor en na de tweede oorlog. Na de oorlog werd er een nieuwe versie gemaakt, de EL3N met een lager verbruik (gloeivermogen).
De buis is geschikt voor een hoogspanning van 250V, maximale anodestroom 36mA en dissipatie van 9W. De buis heeft een ronde cathode en anode, en de roosterwikkelingen zijn ook circulair. De spoed van de keerrooster is zeer losjes. Het is een buis met een hoge gevoeligheid (volledige uitsturing met 4.2V effectief), speciaal voorzien voor gebruik in AM radio's.
Ik snap de mensen niet die dergelijke oude buizen nog gebruiken: de fabricagekwaliteit in die tijd was zeer goed, maar die buizen zijn ondertussen bijna 100 jaar oud. Het bekend probleem is dat de zijcontacten loskomen. Originele buisvoeten hebben contacten die niet meer verend zijn.
De eerste buis, een ECH3 is een mengbuis met oscillator. Het antennesignaal komt op het eerste rooster. Om beďnloeding te vermijden komt het aantennesignaal op de aansluiting boven de buis (dat was een gewoonte in die tijd). De radio is blijkbaar enkel voorzien voor één enkele radioband, het kan ook zijn dat het een principeschakeling is, want er zijn geen waarden bij de componenten aangegeven. De tweede trap is een middenfrekwent versterker met EBF2, een pentode met twee extra diodes. Daarmee kan men een betere automatische volumeregeling (AVR) maken want we kunnen ervoor zorgen dat die slechts gaat werken als het signaal voldoende sterk is. De tweede diode wordt lichtjes in geleiding gehouden via R7 en R14 zodat de detectie beter verloopt (geen diodeknik). De EF9 is een pentode die zowel geschikt is voor audio voorversterking als middenfrekwent voorversterking. Het is een pentode met een variabele versterking (vari-µ) zoals de meeste RF pentodes, maar dit betekent dat de pentode weinig lineair werkt bij audiosignalen (vervorming van minstens 2% bij een anodesignaal van 3V effectief). In sommige radiotoestellen werd ook op het stuurrooster van de buis de AVR gelijkspanning gezet om zo een nog betere stabilisatie van de volume mogelijk te maken als er fading is. In tegenstelling met een tegenkoppeling kan een voorwaartse regeling 100% van de verstoring wegwerken. De eindtrap is een EL3N, op de schakeling kan je zien dat er maatregelen genomen zijn om de bandbreedte te beperken (anodecondensatoren C17, C8 en C12). Een radioversterker hoefde maar een bandbreedte van 4500Hz te hebben. De bandbreedtebeperking geldt ook als de platenspeler aangesloten wordt.
De ontwerper gebruikt een gelijkrichterbuis en een blokcondensator in de voeding. Bij een single ended versterker kan het geen kwaad om een gelijkrichterbuis te gebruiken omdat het verbruik constant is, maar een gelijkrichterbuis met zijn relatief hoge inwendige weerstand veroorzaakt intermodulatievervorming in een push pull versterker. En een blokcondensator is niet veel beter dan een goede elko (maar veel duurder!) Zowel de voortrap en de eindtrap zijn uitgerust met dezelfde type buis, in beide gevallen als triode geschakeld. De eindtrap kan daardoor maar een vermogen van 1W leveren. Waarom dure audiocondensatoren en ruisarme weerstanden gebruiken in een dergelijke versterker? Zelfs bij zo'n laag vermogen is de vervorming al zo'n 5%. De EL3N is een buis die nooit ontworpen is geweest voor hifi toepassingen (die bestonden in die tijd gewoon niet) wel als eindtrap in radiotoestellen. |
Publicités - Reklame


