Buizenversterkers
De eindtrap
 

We hebben het gehad over de voortrappen en de fase-omkeertrap, hier gaan we het hebben over de eindtrap.
-

-

De fase-omkeertrap werd op een vorige pagina besproken. De fase-omkeertrap is enkel nodig als men een push-pull eindtrap gebruikt.

Eindtrap (push pull)

We beperken ons eerst tot de eintrappen in push pull configuratie. Deze kunnen zowel in classe A als in classe AB werken. De schakeling moet echter grondig gewijzigd worden en bepaalde buizen presteren beter in classe A terwijl andere buizen beter presteren in classe AB.


Bouw van een versterker van 20W met een vervorming van minder dan 0.1% (1955)


De curve van een EL34 is allesbehalve lineair.
Deze buis heeft een ultralinear schakeling nodig (speciale transfo). De schakeling kan je zien bij de betreffende buisbespreking.


De buis EL504 heeft de eigenschappen van de PL504, maar met een gloeispanning van 6.3V. De buis wordt nog verkocht en is te vinden op betrouwbare sites zoals Conrad. Koop liever in zo'n online winkel dan bij een verzendchinees, je bent tenminste zeker dat je de buizen binnen de week hebt ontvangen.

In tegenstelling met transistorversterkers hebben we een classe AB1 en AB2. De statische polarisatie van de buis is identiek in beide gevallen, maar bij een AB2-instelling wordt de buis sterker uitgestuurd, zo sterk dat het stuurrooster positief wordt. Bepaalde buizen zijn eigenlijk "gemaakt" om in classe AB2 te werken, zoals de PL504 die een hoog vermogenreserve heeft (kan probleemloos 400mA leveren), maar waarvan de totale anodedissipatie beperkt is tot 16W, de ruststroom moet dan bijvoorbeeld ingesteld worden op 30 à 35mA.

Voor de eintrappen gebruiken we penthodes, maar deze buizen hebben een minder lineair verloop als ze sterk uitgestuurd worden (bepaalde buizen hebben nog steeds de kenmerkende tetrode-knik). Het is echter mogelijk een penthode te gebruiken als triode door de schermrooster te verbinden met de anode, maar met een sterke vermindering van het vermogen en de versterking. Een triodeschakeling levert ongeveer 1/4 van het vermogen van een penthodeschakeling en heeft een dubbel zo sterke uitsturing nodig.

Op dit ogenblik hebben we dus 4 mogelijke configuraties:

Penthode schakeling
Classe A
Triode schakeling
Classe A
Penthode schakeling
Classe AB
Triode schakeling
Classe AB

Bij iedere configuratie zal men specifieke buizen gebruiken die het best presteren in die specifieke configuratie.

Laten we eens de eigenschappen van de configuraties overlopen:

  • Penthode schakeling
    • Hogere versterking, hoger rendement
    • Hogere vervorming (oneven harmonischen die moeilijker te onderdrukken zijn met een balans eindtrap)
  • Triode schakeling
    • Merkbare vervorming die echter door de balansschakeling goed onderdrukt kan worden (even harmonischen)
    • Lagere versterking, de buis moet sterker uitgestuurd worden.

  • Classe A
    • Lager rendement, de buis wordt gepolariseerd zoals een voortrap of een eindtrap met enkele buis.
    • Er loopt altijd dezelfde stroom door de buizen, ongeacht het volume: als de stroom door één buis daalt, dan stijgt de stroom door de andere buis.
    • Zeer goede audiokwaliteit
  • Classe AB
    • Hoger rendement, de buis wordt gepolariseerd zodat er slechts een lage stroom door de buis loopt in rust.
    • Er is een negatieve hulpspanning nodig (bij hifi buizenversterkers)
    • Niet alle buizen zijn geschikt om in classe AB te werken.

De classe AB kan enkel gebruikt worden bij push-pull configuratie.

Maar we zijn er nog niet wat het aantal configuraties betreft. Door speciale output transformatoren te gebruiken kan men de voordelen van de triode-eindtrap combineren met die van de penthode. Daarvoor heeft de transformator een aftapping tussen de anode-aansluiting en de plus van de voeding (middenaftapping van de balanstransformator). De schermrooster zit dus niet op een vast potentiaal (penthode-werking), maar is ook niet verbonden met de anode (triode-werking).

Bij de ultra-linear-schakeling (want zo heet die schakeling) is het echt aangeraden een outputtransformator te kopen die aangepast is aan de buizen die men wenst te gebruiken. Bij de meeste transformatoren zit de aftapping op 43%.

De mogelijkheden wat betreft voortrap en omkeertrap zijn eerder beperkt. Bij de eindtrappen hebben we de meeste mogelijkeden wat betreft de keuze van de buizen en de gebruikte schakeling. Ik zal niet alle type buizen bespreken.

Dit zijn pagina's waar we verschillende versterkerconfiguraties bespreken:

  • EL84
    Met extra uitleg over het vermogen: hoe meten, wat is de invloed van de configuratie (penthode, triode, ultralineair)

  • EL34
    Een van de meest gebruikt buizen als eindtrap in audioversterkers, daarom dat ik maar één schakeling bespreek.

  • PL504
    Een lijneindtrap buis uit zwart-wit televisies die heel goed geschikt als eindtrap. Omdat de buis zowel goed presteert op hoge spanning als op lagere spanning geven we twee voorbeelden, waarbij we ook aandacht schenken aan de voeding.

  • PCL86
    Een buis die zeer geschikt is voor lagere voedingsspanningen. We tonen een versterker voor het televisiegeluid in SRPP configuratie (series regulated push pull) en een stereo-versterker. Dankzij de triode kan men een versterker bouwen van tweemaal 15W met slechts 4 buizen.

Om een laatste pagina bespreek in nog een extra items zoals vervorming, tegenkoppeling, cathode-condensatoren en nog veel meer.

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's