Herstellen
op component niveau of op module niveau
Blogberichten
Root » TechTalk » Historisch perspectief » Herstellen op component niveau

Herstellen op component niveau

Bij herstellingen is het vaak zoeken naar het defekte component. Vroeger werd er vaak op component-niveau hersteld omdat de toestellen met standaard-componenten waren gemaakt: netfilters, voedingsdioden, condensatoren (elko's), schakeltransistoren, transistoren voor voorversterkers en eindtrappen, weerstanden, op amps (operationele versterkers),...

Ik herinner mij nog de tijd dat ik altijd een koffer vol buizen had bij het herstellen van televisies: PL504 (lijneindtrap), PY88 (booster diode lijneindtrap), PCL805 (rastereindtrap), PCL86 (audio eindtrap), PCF802 en PCF80 (middenfrekwent), PFL200 (video voor-en eindtrap) en nog een paar anderen.

Blijkbaar waren de televisies in die tijd bijzonder goed gemaakt, want naast het vervangen van de buizen heb ik nooit iets aan die toestellen moeten doen op het hersolderen van de buisvoeten na (in al die jaren heb ik welgeteld n hoogspanningstransfo moeten vervangen!) Een zwak punt van de Philips multistandard-toestellen waren de schakelrelais (positieve/negatieve videomodulatie, AM/FM geluid, enz), en omdat ik vooral televisies herstelde in campings waar veel franstaligen verbleven die naar de ORTF en later TF1, A2 en FR3 keken, waren dit bijna altijd multistandard toestellen.

Tegenwoordig wordt er meer en meer op module-niveau hersteld. Voor een module voor de aansturing van een plasma- of LCD-beeldbuis zijn er geen specifieke componenten leverbaar (of je moet er 10.000 bij de chinese fabrikant aankopen). Maar ook voedingsmodules gebruiken meer en meer specialistische IC's die nergens te verkrijgen zijn (burst-mode schakelende voeding, hoogspanningsvoeding voor een microgolfoven, enz). Hier moet ook de volledige module vervangen worden bij defekt, want die gespecialiseerde componenten zijn niet leverbaar. Vaak is de prijs van de module bijna even hoog als het toestel zelf.

In dit voorbeeld (zie foto hieronder) was de fout gemakkelijk te vinden (als je weet wat je moet zoeken, tenminste): het defekte onderdeel is namelijk (gedeeltelijk) in rook opgegaan. Dit gebeurt vaker bij vermogenscomponenten (voedingen en eindtrappen). Helaas voor de klant kan de print niet op component niveau hersteld worden. Het probleem begint al bij het IC: het type-nummer is niet meer te lezen! Bij de fabrikant moet je niet te rade gaan, er lopen daar enkel magazijniers rond die de printen en andere onderdelen inpakken en opsturen (bij Nedis lopen er zelfs gn magazijniers meer rond maar worden de componenten geselecteerd door robotten).

Maar zelfs al zou de kode op het IC nog leesbaar zijn, toch kunnen we het toestel niet op component-niveau herstellen. Dit is een vermogens-IC van een schakelende netvoeding. Het vermogen wordt overgedragen via een transfo met gescheiden primair en secundair (het component met de gele wikkelingen midden in beeld). Door de spanningspiek is de transfo blijvend gemagnetiseerd geraakt. Dit heeft als gevolg dat de transfo sneller gesatureerd geraakt en minder vermogen kan overbrengen. De transfo (en vooral de schakel-IC) worden sneller warm en bij een hogere belasting kan het IC opnieuw defekt gaan.

In een dergelijke situatie waarbij er een defekt in de voeding is worden alle halfgeleiders vervangen: diodes, optocouplers, transistoren en IC's, maar ook de transfo. Dit is de enige manier om zeker te zijn dat de voeding opnieuw betrouwbaar zal werken. Ik heb duizenden schakelende voedingen van video's hersteld, en je kan enkel een betrouwbare herstelling bekomen als je k de voedingstransfo vervangt. Bij grote merken zoals Philips (toen), Grundig (heel lang geleden) en anderen waren de specifieke onderdelen wel leverbaar. Er bestonden zelfs kant-en-klare kits met alle onderdelen die vervangen moesten worden om een betrouwbare herstelling te garanderen.

Tegenwoordig is de specifieke schakeltransfo niet leverbaar, waardoor de herstelling niet op component-niveau kan gebeuren. Het is dus niet omdat de fout in een paar seconden gevonden is, dat het apparaat ook in een paar seconden hersteld kan worden.

Deze module komt uit een Miele inbouwoven. De module kost meer dan 300€. De fabrikant kan zo'n hoge prijs rekenen, omdat de oven meer dan duizend euro kost. Fabrikanten kiezen een prijs voor de noodzakelijke onderdelen (zoals modules) die ongeveer 1/3 bedraagt van de nieuwprijs van het toestel. Met de waarde van het onderdeel heeft dit niets te maken, het is een psychologische drempel waarbij de klant denkt: "ik koop toch beter een nieuwe" terwijl de prijs nog niet zo hoog ligt dat de consument voelt dat hij bedrogen wordt (wat hij wel is).

Samsung, een nieuwe speler op de markt, die dus de knepen van het vak nog niet kent, rekent ook belachelijke prijzen aan (maar dan in omgekeerde richting: vaak kost een module maar een tiental euros en wordt die binnen de 24 uur geleverd). Ze zullen snel van politiek veranderen, denk ik...

Links to relevant pages - Liens vers d'autres pages au contenu similaire - Links naar gelijkaardige pagina's